Ik heb namens een 15 jarige puber een brief geschreven. Ik heb de brief voorgelezen. Hij luisterde met volle aandacht, was onder de indruk en kon er ook om lachen. Aan het einde van de brief was hij stil. En zei toen: mooi…..

Zijn ogen zeiden nog veel meer.

Dit is mijn vorm om de waardering te verwoorden wat er werkelijk is.

Want ik weet dat die waardering wordt gemist. Op basis van cijfers. En vaak zijn magere cijfers in combinatie met een hoge intelligentie een aanleiding om te spreken van onderpresteren. Maar is iemand dan echt een onderpresteerder?

Jarenlang heb ik dit gedacht. En een bepaalde periode kan er zeker sprake zijn van alle kenmerken van onderpresteren. Maar wat als de vonk aanslaat en de persoonlijke interesse is gevonden? Eureka. Ja echt, dan verdwijnt onderpresteren als sneeuw voor de zon.

Hoe komen we bij dat interesse gebied? En wat als dat interesse gebied niet onze voorkeur heeft? Hoe gaan we om met een onbekende toekomst? Hoe gaan we om met vrijlaten en toch willen sturen? Risicomijdend of toch ontwikkelgericht?

Daar is lef voor nodig. En begint misschien wel met inspiratie. Daarom deze brief.

Beste leerkracht, intern begeleider, docent, coördinator, mentor, directeur, bestuurder,

 

Ik ben 15 jaar en ik wil vertellen over mijn talenten. Niet om op te scheppen. Maar wel, omdat het een bijzonder verhaal is. Dat dit een bijzonder verhaal is, gaat u ontdekken als u alles leest.

Ik hoop hiermee u te inspireren. Om talent te zien en te ontwikkelen.

Interesse

Mijn talentontwikkeling, waarover ik wil schrijven, begon ongeveer bij 10 jaar. Vanuit mijn ervaring is er altijd één voorwaarde aanwezig bij talent: interesse. Zonder interesse ontwikkel je geen talent. Dit weet ik zeker. En interesse heb ik regelmatig, zeg maar heel vaak, gemist op school.

Op de basisschool mocht ik deelnemen aan verrijkingslessen. In mijn geval bestond dit uit het volgen van Franse lessen, een plusklas en taken ter verdieping van rekenen en taal. Ik kan je zeggen: ik vond het nauwelijks verrijkend voor mijzelf.

De lessen Frans en de verdieping in rekenen en taal hadden niet mijn interesse. De projecten in de Plusklas soms wel en soms niet. De projecten duurde altijd kort: een week of zes. Als het een stom project was, dan was de korte tijd fijn. Maar als het een leuk project was, dan kon je nooit echt verdieping of meesterschap bereiken. Dat was jammer.

Gelijkgestemden

De plusklas had persoonlijke leerdoelen zoals doorzettingsvermogen of een groei mindset. En dit heeft zeker wel een kiem gelegd in wat ik nu nodig heb. Dus de plusklas heeft zeker zijn toegevoegde waarde gehad.

Het was ook fijn om met meer gelijkgestemden samen te zijn. Dit is op zijn tijd echt een verademing in je (basis)school periode. Je ontmoet in je leven zoveel mensen waar je geen of alleen een oppervlakkige aansluiting mee hebt. Dus super als school een bijdrage levert om wel de kans te krijgen gelijkgestemden te ontmoeten.

Autodidactisch – informeel leren

Mijn interesse heb ik toch buiten school gevonden. Ik begon mijzelf te verdiepen, eigenlijk autodidactisch. Je kunt op internet ook zoveel informatie en video’s vinden. Als je dit goed gaat bekijken, dan kun je heel veel leren. Het voelde voor mij niet als leren. Leren was voor mij gebonden aan een school gebouw. En daar werd ik niet gelukkig van. Ik leer liever op informele wijze.

Plezier

Ik ging heel veel oefenen en leerde andere kinderen kennen, die dezelfde interesse hadden. We hadden plezier en daarmee groeide mijn interesse. Niet alleen in Nederland maar over de hele wereld leerde ik gelijkgestemden kennen. Ik moest dus Engels gaan spreken. Ja, dat was het moment dat ik dacht: nú heb ik wat aan school. Maar ja, op de basisschool begonnen we in de bovenbouw met een beginnersniveau. Ik kon mijzelf allang voorstellen in het Engels…..dus had ik nog niet veel aan de boekjes van school.

Engels

Het Engels boeide mij. Want met Engels kan je met ‘iedereen’ spreken over de hele wereld. En ik ontdekte dat in het Engels ook veel meer informatie beschikbaar was op het internet: nu kon ik pas echt goed duiken in mijn interesse. Ik kon van alles gaan leren van echte meesters, kampioenen. Ik kon naar internationale teams kijken en luisteren. Hun spel analyseren.

Rolmodellen

Hoe beter ik in het Engels werd, hoe meer ik kon begrijpen van alles wat ik las en bekeek. Dus leerde ik autodidactisch Engels. Haha, o, ja, mijn moeder heeft in die tijd nog wel een cursus Engels gekocht, het was een sinterklaas cadeau. Maar ja, ik kan veel sneller leren van Engels sprekende mensen, rolmodellen, dan uit zo’n boekje. Dus dat cadeau heb ik nooit gebruikt.

Betekenisvolle vaardigheden

Engels spreken werd één van mijn eerste nuttige en betekenisvolle vaardigheid. En ik werd er goed in. Mijn ouders kunnen me soms niet eens meer verstaan. Niet alleen mijn woordenschat, maar ook mijn accent is Engels. Op een gegeven moment stond ik bij teams ook bekend als: ‘de Nederlander die eigenlijk gewoon een Londenaar is’. Dit ontwikkelde ik gewoonweg door: 1. Interesse, 2. veel doen, 3. goed luisteren en kijken naar goede voorbeelden.

Netwerken – Communicatie

Met veel plezier ging ik nog meer trainen, oefenen én netwerken. Ik wilde een netwerk opbouwen, want als je met de juiste mensen in contact komt, dan krijg je ook kansen om je talenten te laten zien. Ik ontdekte hoe je moest communiceren. Ik zag hoe anderen dit deden. Bij grove communicatie, heftige emoties of ander kinderachtig gedrag was je snel geen gesprekspartner meer. Ik moest een volwassen vorm vinden. En dit was soms wel lastig. Ik was enorm blij toen ik de baard in de keel kreeg: dat helpt toch zo’n zwaardere stem, beter dan zo’n kinderachtig piep-stemmetje.

Emotie-regulatie

Ik heb ook echt iets aan mijn emotie-regulatie moeten doen. Als ik verloor, vond ik dat moeilijk. Zeker als het soms niet allemaal eerlijk was verlopen. Maar ook als ik zelf iets stoms had gedaan. Dan kon ik heel boos op mijzelf worden. Niemand moest me dan aanspreken. Dit is nog steeds zo, maar ik ben sterk geworden om mijzelf snel weer kalm te krijgen. Hier heb ik niet een ander meer voor nodig. En het lukt me ook om na een teleurstelling zo snel mogelijk weer in een volgende stap te denken. Vooruit kijken, leren van de fouten of teleurstelling en dan weer verder. Grote teleurstellingen duren niet lang meer. Ik concentreer me weer op een volgend plan.

Empatisch vermogen – creativiteit – hoge intelligentie

Maar ook werden mijn andere potenties zichtbaar in de communicatie. Ik heb van nature een sterk empathische vermogen (inlevingsvermogen). Ik ben goed in luisteren. Als kind leer je dat eigenlijk snel: volwassenen willen praten (en het laatste woord hebben :-). Ik kon mijn creativiteit inzetten in combinatie met mijn hoge intelligentie (tja, dat is een keer getest). Ik ging van alles uitproberen en zo ontwikkelde mijn potenties tot talenten. Dit ontwikkelde ik gewoonweg door: 1. Interesse, 2. veel doen, 3. goed luisteren en kijken naar goede voorbeelden. Hierdoor kan ik inmiddels volwassen gesprekken voeren met teamgenoten die (een stuk) ouder zijn dan ik. Maar ook met mijn ouders en dat is best handig!

Ambitie en je hart volgen

Na 3 jaar spelenderwijs ontdekken nam ik een besluit. Ik denk dat ik 13 jaar was. Ik wilde echt wereldwijd doorbreken. En daarvoor moest ik nog beter worden in de benodigde vaardigheden én een goed team vinden. Dit betekende dat ik er tijd in moest gaan steken. Uit de plusklas had ik ooit geleerd: met 10.000 uur word je een talent. Ik koos ervoor één hobby te laten vallen en niet alles uit school te halen. Ik wil wel de school afmaken, overgaan en een diploma. Maar ik ga mijn talenten in een andere omgeving tot ontwikkeling brengen. Omdat daar mijn interesse ligt en de omgeving mij echte kansen biedt tot ontwikkeling. Volwassenen zeggen altijd: je moet je hart volgen. Nou, dat doe ik dus.

Loslaten

En zo kon ik met 15 jaar mee op mijn eerste toernooi in het buitenland. Ik ging naar Engeland met mijn team, mijn manager en mijn coach. En ja, mijn moeder ging ook mee. Mij loslaten vindt ze nog wel moeilijk. Maar ja, met zo’n groot toernooi, waar ik de jongste was, wilde ze toch even mee. Vond ik prima hoor.

Belangen

Maar wacht, nog één stap terug. Voor ik vertrok naar Engeland moest ik wel een team, een manager en coach hebben. Anders kun je natuurlijk niet mee doen met het toernooi. En je krijgt ook met sponsors en contracten te maken. Het is een volwassen wereld waar (veel) geld in omgaat. Het belang is groot en dat maakt het ook echt voor iedereen.

Analyseren – strategisch inzicht – besluiten – timing

Ik ging teamleden analyseren, wat hebben ze in huis, wat kan ik van ze leren en waar heb ik toegevoegde waarde in het team. Binnen een team heb ik namelijk de rol van ‘strateeg’. Ik neem belangrijke beslissingen op basis van mijn strategisch inzicht: op het juiste en cruciale moment. Ook dit heb ik tot talent ontwikkeld. Maar ook plannen, goed en snel communiceren, behendigheid, patronen en verbanden zien.

Samenwerken – onderhandelen

En niet te vergeten: samenwerken en teambuilding. Dit is echt heel anders dan ik gewend ben op school met ‘samenwerk-opdrachten’. Uiteindelijk hebben we een team gevormd. Ik was tevreden voor dat moment. Ook heb ik een manager, coach en twee sponsors gevonden. En toen kwam de volgende vaardigheid om de hoek: onderhandelen. Nou, dat heb ik vast van mijn vader mee gekregen. Dit vind ik leuk en ontwikkel ik graag. Dus mijn reis naar Engeland werd betaald.

Gezondheid – autonomie

Het toernooi was een mooie ervaring. Mijn teamleden waren een stuk ouder dan ik. Het viel me op dat ze niet altijd gezonde keuzes maakten. Ik heb een ambitie en zorg ook dat mijn lijf dit kan bijbenen. Dus voor mij al jaren geen suiker, chips, frisdrank en zeker geen alcohol. En daar was ik op het toernooi vrij uniek in om me daar géén enkele keer in de verleiding te komen. Ik doe dit gewoon. Ik sta daar autonoom in.

Flexibiliteit

We werden vierde op het toernooi. We hadden de 2e plaats kunnen behalen, vond ik. Maar dat werd het niet. Dit was een teleurstelling. Eentje uit het echte leven met echte belangen. Ik kon op dat moment niet eens voorzien welke gevolgen dit verlies nog meer voor me had. Ik nam wel direct een besluit: dit team is niet geschikt voor me. Ik loop te ver vooruit en zij kunnen mij niet bijhouden. Ik moet een ander team vinden. En serieus, voordat ik in het vliegtuig zat richting huis, had ik definitief afscheid genomen van mijn team en was ik met 5 andere teams in gesprek om te solliciteren voor een plek. Ik moest door. Ik heb een ambitie en ben flexibel hoe ik dit moet bereiken. Als een andere weg beter is, dan neem ik de andere weg.

Tegenslag verwerken

Maar thuis kwam de rauwe werkelijkheid. Ik had verloren. En dit was zichtbaar geweest. Het toernooi werd namelijk ook uitgezonden. Mensen hebben ons team zien spelen. En ik was onderdeel van dit team. Mensen vonden het team waardeloos. En zo werd ik, mijn naam, waardeloos. Ik verloor dus veel meer dan een toernooi. Ik verloor mijn goede naam. Ik verloor de kans op een nieuw team. Ik verloor kostbare tijd om verder te gaan, want niemand wilde mij opnemen in het team. Ik verloor mogelijkheden tot oefenen. En dit duurde maanden.

Coach = ontwikkelgericht | manager = risicomijdend

Op een gegeven moment was er een kans dat ik kon solliciteren voor een nieuw team. Ik ging weer een selectieproces door en eindigde samen met één ander persoon. Tja, er was maar één plek te vergeven. Wie ging dit krijgen? En dan kom je er achter dat een coach heel anders naar talent kijkt dan een manager. Een coach is ontwikkelgericht. Een manager is risicomijdend. En de manager beslist. Ik verloor. En ik zal je vertellen hoe ik daar mee ben omgegaan.

Potentieel

Ik verloor van mijn concurrent. Mijn concurrent was 23 jaar en ik 15 jaar. Een groot leeftijdsverschil. Ik ben nog uitzonderlijk jong. Dat is een risico in de ogen van een manager. De coach dacht daar heel anders over. Ik ging dus in gesprek met de manager. Ik heb hem de volgende casus voorgelegd. De concurrent had een paar ‘negatieve eigenschappen’ waar hij 10 maanden aan heeft gewerkt met behulp van een coach. Ik kreeg 3,5 week geleden de opdracht om iets wezenlijks te verbeteren. Dit deed ik autodidactisch: door opnames te maken van mijzelf en dit te analyseren. En het is me gelukt in 3,5 week. Wat zegt dit nu over mijn potentieel ten opzichte van de concurrent? Hoe groot is het risico werkelijk?

Een kans krijgen ongeacht je leeftijd

Het mocht niet baten. De manager koos voor de concurrent. En weer mocht ik een teleurstelling verwerken. Ik zit heel dicht op professioneel niveau, maar ik ben eigenlijk te jong. Ik moet eigenlijk 18 jaar zijn. Potenties ontwikkelen zich tot talent door: 1. Interesse, 2. veel doen, 3. goed luisteren / kijken naar goede voorbeelden en dus heel belangrijk nummer 4. een omgeving of persoon die hier oog voor heeft, je een kans geeft ongeacht je leeftijd.

Oog voor talent hebben

Tja, voorlopen op je kunnen is echt niet altijd fijn. Je moet dan mensen tegen komen, die je een kans geven en echt naar potenties kunnen kijken. Die dat oog voor talent hebben. En dat zijn er niet veel, die dat kunnen óf durven. Mensen die zich verdiepen in jouw achtergrond: hoe jij er bent gekomen waar je nu bent en je niet in een hokje plaats op basis van je leeftijd. Die werkelijk kijken naar je ontwikkeling. Die werkelijk je ontwikkeling niet stagneren maar laten groeien. Ook al gaat dit anders dan gemiddeld gezien in een boekje staat.

Steun voor topniveau

Ik heb de ‘geruststellingen’ allemaal gehoord. Als je nog zo jong bent, dan ben je nog niet sociaal emotioneel rijp genoeg, je hebt nog niet genoeg ervaring oftewel: jouw tijd komt nog wel. Topniveau is slechts tijdelijk: voor jonge mensen vanwege het snelle flexibele brein en een energiek fysiek lichaam. Ik heb niet alle tijd. Deze jaren zijn de jaren waar ik het in moet doen wil ik op topniveau komen. Wie steunt mij?

Groei omgeving

En toen kwam er een bijzondere kans. Een kans die ik moest pakken. Mijn concurrent moest tijdelijk een academisch team uit, na een aantal wedstrijden, omdat hij mee mocht doen aan een ander toernooi. Ik mocht dus invallen. Dit is het team waar ik echt weer verder kom in mijn ontwikkeling. Om te ontwikkelen heb je wel de juiste omgeving nodig. En voor mij is dit nu een goed team, een goede coach, een goede manager én uitdagende wedstrijden. Makkelijke wedstrijden vind ik saai en zonde van mijn tijd.

Per stap vooruit

Ik stapte dus halverwege het toernooi in bij dit nieuwe academische team. Het team ging beter presteren. We wonnen veel wedstrijden en eindigde met één ander team op een gelijke plaats. Vanwege spelregels mocht het andere team door. Dus toch een verlies voor ons. Maar het goede nieuws: ik mag blijven in dit team. Ik ben dus weer een stap vooruit in mijn ambitie. De terugkerende concurrent moet op zoek gaan naar een ander team. Dit is hard. Zo gaat het. Maar ik weet dat mijn concurrent heel snel een goed team gaat vinden, want hij is al een paar stappen verder dan ik. Dit komt wel goed.

U bent nu bijna aan het einde van mijn brief.

Een brief hoe ‘een potentieel ontwikkelingsproces’ kan verlopen.

Ik ben 15 jaar. Ik zit in de 5e klas van het gymnasium.

Ik game.

Ik speel toernooien op E-sport. Vergelijkbaar met de Fifa bij voetbal.

Mijn ambitie is professioneel gamer te worden en naar Amerika te gaan.

Dit is niet wie ik ben. Maar wat ik doe.

De game-industrie is mijn interesse gebied, waar ik mijn potenties ontwikkel tot waardevolle talenten voor het leven. Ik ontwikkel mijn potenties in een echte wereld met echte mensen. Ik doe echte menselijke ervaringen op. Voor mij een betekenisvolle wereld.

Maar ook een wereld waar weinig mensen respect voor hebben. Een wereld waar vaak negatief over wordt gesproken: de online wereld is niet echt en is verslavend. Mmm, is dit in de andere ‘echte’ wereld dan allemaal anders en beter? Mijn gedrevenheid wordt daardoor niet geraakt. Ik sta daar autonoom in. Heel kalm en rustig. Ik begrijp dat de ander mijn wereld niet kent.

Vaak raak ik mensen wel op een positieve manier. Hoe ik dat doe? Ik laat mijn passie en mijn persoonlijkheid zien. Dit maakt mensen nieuwsgierig. En dan ontstaat er een opening om mijn interesse te laten zien. Mensen vinden het dan wel heel fascinerend.

Maar echt draagvlak is er niet. Sporttalenten of muzikale talenten: daar zijn aangepaste programma’s voor in combinatie met school. Ik steek net zoveel uren in school als in mijn E-sport. Dit betekent dat ik elke week meer dan fulltime werk. Al jaren. Zonder steun. In Amerika kun je hiervoor speciale programma’s en beurzen krijgen. Daar is steun. Zo ver is E-sport nog niet in Nederland. Ik heb voor 100% mijn eigen doorzettingsvermogen nodig.

Nou, helemaal waar is dit niet. Mijn ouders steunen mij. En dit is bijzonder. Want ik heb een keuze gemaakt voor een onzekere toekomst. Dit is niet makkelijk voor ouders. Door hun steun kan ik ook alles met ze delen. Mijn plan kan mislukken: dat weten we. Maar dan heb ik heel veel geleerd. En ik kom er wel met alle (levens)vaardigheden, die ik heb geleerd. Maar vooral: ik ben nu gelukkig.

Ik heb ook al plan B als mijn ambitie niet mocht lukken. Want dat heb ik wel geleerd: zorg altijd dat je een plan B hebt. Denk vooruit.

Potenties ontwikkelen zich tot talent door:

  1. interesse
  2. veel doen
  3. goed luisteren en kijken naar goede voorbeelden
  4. een omgeving of persoon die oog heeft voor talent, je een kans geeft en steunt…….en ja, dus ook punt vijf
  5. altijd doorgaan, desnoods met plan B als het tegen zit!

Veel plezier met het ontdekken van potenties, betekenisvol verrijken en ontwikkelen van talent. Mensen, die dit kunnen en durven, hebben we hard nodig. Want punt vier in mijn rijtje is vaak een zoektocht.

Ik hoop op een dag dit voor een ander te kunnen doen.

Anoniem

 

PS. Ik weet dat mijn verhaal als blog online komt. Ik vind dit prima. Ik ben trots op mijn leven.

PS. Enkele weken na publicatie van dit blog heb ik alweer mijn team kunnen verlaten, omdat mijn droom is uitgekomen: ik ben officieel als game-professional opgenomen in een ander internationaal team. KraandopOW mag spelen in contenders Overwatch! Vele social media berichten volgden. Zie hieronder een fijn bericht van mijn coach en het team dat ik ga verlaten.

Heel fijn als je de informatie deelt!